Analyse · Wvggz-dwalingen

Rechterlijke dwaling zonder naam

In het strafrecht kennen we de rechterlijke dwaling. In de Wvggz ontbreekt zo'n volwassen begrip, terwijl psychiatrische dwang diep kan ingrijpen in vrijheid, lichamelijke integriteit en iemands publieke identiteit.

Geen juridisch advies. Dit artikel bespreekt een structureel rechtsstatelijk probleem. Niet iedere vernietigde beschikking is een dwaling, en niet ieder motiveringsgebrek betekent dat verplichte zorg inhoudelijk onterecht was.

De kern

In het Nederlandse strafrecht bestaat een herkenbaar publiek begrip voor de ernstigste gerechtelijke fout: de rechterlijke of justitiële dwaling. Namen als Lucia de Berk, de Schiedammer parkmoord, de Puttense moordzaak en Ina Post functioneren als waarschuwingen tegen tunnelvisie, slecht deskundigenbewijs, bekentenisdwang, statistische misleiding en institutionele zelfbevestiging.

In de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg ontbreekt zo'n taal grotendeels. Dat betekent niet dat ernstige fouten daar niet kunnen voorkomen. Het betekent vooral dat zij juridisch anders worden benoemd: als procedurefout, motiveringsgebrek, ondeugdelijke medische verklaring, termijnoverschrijding of schadevergoedingsverzoek. Die termen zijn nodig, maar soms te smal voor wat er werkelijk op het spel staat.

De sterke these is daarom: de Wvggz heeft een volwassen civielrechtelijk dwalingsbegrip nodig. Niet als slogan tegen iedere vorm van verplichte zorg, maar als analytische categorie voor gevallen waarin psychiatrische dwang achteraf fundamenteel ongegrond blijkt.

Waarom het strafrecht wel een taal heeft

Het publieke begrip rechterlijke dwaling is vooral gevormd door strafzaken. Daar is het verhaal herkenbaar: iemand wordt ten onrechte als dader aangewezen, soms jarenlang vastgezet, en pas na herziening, nieuw deskundigenonderzoek of journalistieke druk gerehabiliteerd.

Dat model past niet rechtstreeks op de Wvggz. Er is meestal geen verdachte, tenlastelegging of straf. De procedure is civielrechtelijk en de maatregel heet zorgmachtiging of crisismaatregel. Toch is het verschil in naamgeving niet beslissend. Ook in de Wvggz oefent de staat macht uit over lichaam, woning, bewegingsvrijheid, communicatie, medicatie en sociale relaties. De Wvggz is geen strafrecht, maar wel dwangrecht.

Wanneer een strafzaak instort, spreken wij over een dwaling. Wanneer een zorgmachtiging juridisch ondeugdelijk blijkt, spreken wij meestal over cassatie, terugwijzing, schadevergoeding of een gebrekkige medische verklaring. Dat kan juridisch correct zijn, maar moreel en analytisch te arm.

De kwetsbaarheid van snelle dwangprocedures

De Wvggz bevat waarborgen: medische verklaring, advocaat, hoorplicht, proportionaliteit, subsidiariteit, doelmatigheid en motivering. In theorie is verplichte zorg een uiterste middel. Maar de praktijk kent kenmerken die het risico op onzichtbare dwalingen vergroten.

Procedures zijn snel. De informatie komt vaak uit zorgdossiers, medische verklaringen, politiemeldingen en verklaringen van professionals. De betrokkene verschijnt soms vanuit crisis, opname, medicatiecontext of uitputting. De zitting is kort. De rechter moet beslissen onder onzekerheid en vertrouwt vaak zwaar op het institutionele dossier. Tegen Wvggz-beschikkingen is geen gewoon hoger beroep mogelijk; cassatie is geen volledige feitelijke herbeoordeling.

Daardoor ontstaat een ander type fout dan in het strafrecht. Niet de fout van de verkeerde dader, maar de fout van de verkeerd geconstrueerde persoon. Iemand wordt in het dossier beschreven als ziek, gevaarlijk, niet vrijwillig bereikbaar of onvoldoende betrouwbaar in zijn eigen oordeel. De dwaling kan bestaan uit het onvoldoende kritisch toetsen van die constructie.

Fouten bestaan al, maar heten anders

Wie zoekt naar “rechterlijke dwaling Wvggz” vindt weinig. Wie zoekt naar vernietigde beschikkingen, medische verklaringsgebreken, termijnoverschrijdingen, onrechtmatige opname, verplichte zorg zonder titel, schadevergoeding en motiveringsgebreken vindt veel meer. Het systeem registreert dus wel fouten, maar vaak in categorieën die de morele kern opsplitsen in technische onderdelen.

Een ondeugdelijke medische verklaring lijkt formeel, maar raakt de vraag wie betrokkene werkelijk heeft onderzocht en op basis waarvan de staat dwang mag toepassen. Twijfel bij de rechter lijkt procedureel, maar kan betekenen dat eerst dwang is toegestaan terwijl de epistemische basis nog onvoldoende stevig was. Een termijnoverschrijding lijkt kalenderrecht, maar kan betekenen dat iemand zonder geldige titel opgenomen was of verplichte zorg onderging.

Ook schadevergoedingsoriëntatiepunten voor verplichte zorgzaken laten zien dat de rechtspraktijk rekening houdt met dwang zonder geldige titel of met schending van zorgvuldigheidseisen. De vraag is waarom zulke situaties zelden worden besproken als mogelijke Wvggz-dwalingen.

Schadevergoeding is geen erkenning

Schadevergoeding is belangrijk. Zonder vergoeding blijft een schending vaak symbolisch. Maar schadevergoeding is niet hetzelfde als erkenning van een dwaling. Een bedrag per dag kan efficiënt zijn, maar vertelt weinig over de aard van de fout.

Wie zonder titel opgenomen is geweest, heeft niet alleen dagen verloren. Er kan ook reputatieschade zijn, verlies van geloofwaardigheid, lichamelijke schade door dwangbehandeling, sociale schade door contactbeperkingen en dossiermatige schade doordat een rechterlijke tekst iemand vastzet in een verhaal van gevaar, wilsonbekwaamheid of ontoegankelijkheid voor vrijwillige zorg.

In strafzaken gaat rehabilitatie over meer dan geld. Het gaat om erkenning dat iemand ten onrechte dader is genoemd. In de Wvggz zou erkenning kunnen betekenen: iemand is ten onrechte als dwangbehoeftig geconstrueerd, ten onrechte als gevaarlijk voorgesteld, of ten onrechte aan medische interventies onderworpen.

Een andere structuur dan strafrechtelijke dwaling

Een Wvggz-dwaling hoeft niet te betekenen dat iemand “niet ziek” was. Dat criterium zou te smal zijn. De rechtmatigheid van verplichte zorg hangt niet alleen af van diagnose, maar van de combinatie van psychische stoornis, ernstig nadeel, causaal verband, ontbreken van vrijwillige alternatieven, proportionaliteit, subsidiariteit en effectiviteit.

Iemand kan psychisch lijden en toch ten onrechte gedwongen zijn opgenomen. Iemand kan een diagnose hebben en toch niet het concrete ernstige nadeel veroorzaken dat de beschikking aanneemt. Iemand kan zorg nodig hebben en toch vrijwillig of minder ingrijpend geholpen kunnen worden.

Daarom gaat het niet om de tegenstelling schuldig of onschuldig, maar om een andere vraag: was er een voldoende rechtmatige en feitelijk betrouwbare grondslag voor dwang?

Vormen van Wvggz-dwaling

Een Wvggz-dwaling kan diagnostisch zijn: de stoornis is onvoldoende onafhankelijk, actueel of persoonlijk vastgesteld. Zij kan prognostisch zijn: het ernstige nadeel is speculatief, algemeen of historisch in plaats van concreet en actueel. Zij kan relationeel zijn: conflict met familie, buren, politie of hulpverlening wordt vertaald in psychiatrisch gevaar zonder voldoende tegenlezing.

De dwaling kan ook procedureel zijn: betrokkene is niet werkelijk gehoord, had onvoldoende rechtsbijstand of kreeg het dossier niet effectief weersproken. Zij kan therapeutisch zijn: dwang wordt gepresenteerd als effectief zonder serieuze onderbouwing. Zij kan institutioneel zijn: de rechter neemt het zorgdossier over zonder de asymmetrie tussen betrokkene en instelling te compenseren.

Dit soort dwaling is moeilijker te bewijzen dan een strafrechtelijke dwaling. Er verschijnt zelden één nieuw DNA-bewijs of één echte dader. Het vraagt om dossieranalyse, patroonherkenning, vergelijking van beschikkingen, toetsing van motiveringen en reconstructie van alternatieven. Maar moeilijk bewijsbaar is niet hetzelfde als onbestaand.

Waarom media en rechtspraak dit begrip nodig hebben

Journalistiek over Wvggz-dwalingen moet voorzichtig zijn. Privacy, medische gegevens, kwetsbaarheid van betrokkenen en complexiteit van dossiers vragen om terughoudendheid. Maar voorzichtigheid mag niet omslaan in stilte.

Een volwassen benadering ontkent psychisch lijden niet en valt rechters of psychiaters niet karikaturaal aan. Zij stelt rechtsstatelijke vragen. Hoe vaak worden Wvggz-beschikkingen vernietigd? Hoe vaak wordt schadevergoeding toegekend wegens verplichte zorg zonder titel? Hoe vaak ontbreekt persoonlijk psychiatrisch onderzoek? Hoe vaak wordt ernstig nadeel concreet gemotiveerd? Hoe vaak worden vrijwillige alternatieven zichtbaar besproken?

Ook de rechtspraak zelf zou het begrip kunnen gebruiken als analytische categorie. Niet noodzakelijk als formele nieuwe rechtsfiguur, maar als manier om te erkennen dat sommige vernietigingen en schadevergoedingszaken meer zijn dan incidenten. Zij kunnen signalen zijn van structurele kwetsbaarheden in een rechtsgebied waar snelheid, deskundigenvertrouwen en risicodenken samenkomen.

Criteria voor een mogelijke Wvggz-dwaling

Een volwassen dwalingsbegrip hoeft niet elke onrechtmatigheid tot dwaling te verheffen. Een zaak verdient het label “mogelijke Wvggz-dwaling” wanneer meerdere elementen samenkomen:

  1. Er is verplichte zorg toegepast of een machtiging verleend die later is vernietigd, vervallen, onrechtmatig verklaard of schadevergoedingsplichtig gebleken.
  2. De fout raakt de grondslag van de dwang: stoornis, ernstig nadeel, causaliteit, subsidiariteit, proportionaliteit, effectiviteit of geldige titel.
  3. Betrokkene heeft feitelijk vrijheidsbeneming, dwangmedicatie, insluiting, toezicht, contactbeperking of andere ingrijpende zorg ondergaan.
  4. De rechterlijke motivering laat onvoldoende zien dat het perspectief van betrokkene en minder ingrijpende alternatieven serieus zijn gewogen.
  5. Achteraf bestaat gerede twijfel of de dwang, gegeven de feiten op dat moment, had mogen worden toegepast.
  6. De fout heeft persoonlijke, sociale, lichamelijke of reputatieschade veroorzaakt die niet volledig wordt gedekt door een forfaitair bedrag.

Deze criteria houden ruimte voor nuance. Er zijn formele fouten zonder materiële dwaling. Maar er zijn ook formele fouten die precies aanwijzen waar de materiële dwaling begon.

Van administratieve fout naar rechtsstatelijke taal

De Wvggz is een rechtsgebied waarin de staat zegt te handelen uit zorg, maar daarbij middelen gebruikt die diep in vrijheid en lichamelijke integriteit ingrijpen. Juist daarom verdient zij niet minder, maar meer rechtsstatelijke taal dan veel andere civiele procedures.

Zolang de Wvggz geen volwassen dwalingsbegrip kent, blijven fouten verspreid over cassatiebeschikkingen, klachtencommissies, schadevergoedingsverzoeken, oriëntatiepunten en anonieme uitspraken. De betrokkene krijgt soms gelijk, soms geld, soms vernietiging, maar zelden erkenning in taal die de ernst van de fout draagt.

Een rechtsorde die iemand tegen zijn wil kan opnemen, mediceren of beperken, moet ook een naam hebben voor het geval zij dat ten onrechte deed. Het begrip Wvggz-dwaling kan die naam zijn.

Kernformule

Zonder taal voor Wvggz-dwaling wordt ernstige onterechte dwang te snel een technische fout.

Bronnen en aanknopingspunten