Analyse · vrijheidstaal, staatsmacht en Wvggz
De vrijheidsdrager en de vrijheidsbijdrage
Wanneer de staat vrijheid gebruikt als naam voor een bijdrage, moet hij extra scherp worden bevraagd wanneer hij de vrijheid van één burger wil beperken. Wie betaalt voor vrijheid, is niet slechts belastingplichtige. Wie onder de Wvggz wordt beperkt, is niet slechts betrokkene. Hij is vrijheidsdrager.
Vrijheid als factuur
Het woord “vrijheidsbijdrage” is retorisch glad. Geen belastingverhoging, geen defensieheffing, geen oorlogspremie, maar een bijdrage. En niet zomaar een bijdrage: een bijdrage aan vrijheid. Wie kan daartegen zijn?
Precies daarin zit de macht van het frame. Belastingtaal wordt opgehesen in een vlag. Een politieke keuze wordt morele toets. Wie vraagt of de last eerlijk verdeeld is, klinkt al snel kleinzielig. Wie zegt dat het gewoon belasting is, lijkt de ernst van veiligheid en dreiging niet te begrijpen.
Natuurlijk is veiligheid niet gratis. Natuurlijk kan defensie geld kosten. Maar de rechtsstatelijke vraag is waarom belastingheffing met het woord vrijheid wordt bekleed. Vrijheid verschuift dan van grens aan macht naar legitimatie van macht.
Vrijheid is geen merknaam van de staat. Vrijheid is de grens waaraan de staat zich stoot.
Waarom “vrijheidsdrager” nodig is
De moderne staat heeft veel namen voor de burger. Voor de fiscus is hij belastingplichtige. Voor de gemeente cliënt, aanvrager of budgethouder. Voor de politie persoon, melder, verdachte of verwarde. Voor de GGZ patiënt. Voor de Wvggz betrokkene. Voor het dossier een verzameling meldingen, observaties en interpretaties.
Maar zelden heet hij bij zijn constitutionele naam: vrijheidsdrager.
De vrijheidsdrager is de burger vóórdat de fiscus, de psychiater, het OM, de instelling of de rechter hem in een procedure plaatst. Hij draagt vrijheid niet omdat de staat hem die verleent. Hij draagt vrijheid omdat vrijheid het uitgangspunt is van rechtmatige staatsmacht.
Mijn vrijheid is geen subsidie van de staat. Mijn vrijheid is de grens waartegen de staat telkens opnieuw moet bewijzen.
Daarom is “vrijheidsdrager” sterker dan “betrokkene”. Betrokkene klinkt administratief. Vrijheidsdrager klinkt constitutioneel. Betrokkene is het object van een machtiging. Vrijheidsdrager is de maatstaf waaraan de machtiging wordt getoetst.
De ironie van de Wvggz
De ironie is hard. De staat kan tegen burgers zeggen: betaal mee aan vrijheid. Maar dezelfde staat kan in de Wvggz zeggen: uw eigen vrijheid wordt beperkt omdat psychische stoornis, ernstig nadeel en verplichte zorg juridisch zijn vastgesteld.
Dat kan in uitzonderlijke situaties wettelijk mogelijk zijn. Recht op Geest hoeft niet te ontkennen dat crises bestaan of dat mensen gevaar kunnen lopen. Maar de morele sluiproute moet dicht: verplichte zorg is niet automatisch vrijheid.
Gedwongen opname is geen vrijheid. Verplichte medicatie is geen vrijheid. Huisbezoek onder dreiging van dossierduiding is geen vrijheid. Een medische verklaring die iemands eigen verhaal vertaalt in stoornistaal is geen vrijheid. Het kan misschien juridisch toegestaan zijn. Het kan misschien in uitzonderlijke gevallen noodzakelijk zijn. Maar het blijft een inbreuk.
De Wvggz moet daarom niet spreken alsof dwangzorg vrijheid herstelt. Zij moet spreken alsof dwangzorg vrijheid beschadigt en alleen onder strikte voorwaarden tijdelijk kan worden gerechtvaardigd.
Dezelfde taaltruc
Op het eerste gezicht hebben defensiebelasting en Wvggz weinig met elkaar te maken. De ene gaat over begroting, veiligheid en landsverdediging. De andere over zorgmachtiging, medische verklaring, psychische stoornis en ernstig nadeel.
Maar retorisch is er verwantschap. In beide gevallen kan macht zichzelf verzachten met positieve woorden.
- Belasting wordt vrijheidsbijdrage.
- Dwang wordt verplichte zorg.
- Opsluiting wordt opname.
- Gedwongen medicatie wordt behandeling.
- Controle wordt monitoring.
- Risicobeheer wordt veiligheid.
- Verzet wordt gebrek aan inzicht.
- Gehoorzaamheid wordt herstel.
Dat betekent niet dat elke belasting onrechtmatig is en ook niet dat elke vorm van verplichte zorg onrechtmatig is. Het betekent wel dat de burger alert moet zijn wanneer harde macht zichzelf hernoemt tot morele noodzaak.
De staat als vrijheidsverkoper
De staat heeft een merkwaardige verhouding tot vrijheid. Eerst monopoliseert zij geweld. Dan belast zij burgers om dat geweldsmonopolie te onderhouden. Vervolgens noemt zij die last een bijdrage aan vrijheid. En wanneer een individuele burger zich verzet tegen medische staatsmacht, wordt zijn vrijheidsclaim soms gelezen als gebrek aan realiteitszin, ziektebesef of medewerking.
Zo ontstaat de staat als vrijheidsverkoper. Collectief verkoopt zij veiligheid, weerbaarheid, grenzen, defensie en bescherming. Individueel beheert zij dwangzorg, toezicht, medicatie, opname, politie-assistentie en rechterlijke machtiging.
De vrijheidsdrager zegt niet dat collectieve veiligheid onzin is. Hij zegt iets preciezers:
Een staat die vrijheid vraagt als belastinggrondslag, moet vrijheid eerbiedigen als individuele rechtspositie.
Geen vrijheid zonder weigering
Vrijheid bestaat niet uit instemming. Vrijheid bestaat uit de mogelijkheid tot weigering. Wie alleen vrij is zolang hij meewerkt, is niet vrij. Wie alleen autonoom heet zolang hij de zorgkaart netjes invult, is niet autonoom. Wie alleen burger is zolang hij betaalt, maar patiënt wordt zodra hij weigert, leeft onder voorwaardelijk burgerschap.
De vrijheidsdrager mag weigeren dat zijn woning een observatieruimte wordt. Hij mag weigeren dat zijn lichaam een behandellocatie wordt zonder strikte noodzaak. Hij mag weigeren dat zijn woorden worden vertaald in ziekte-inzichttaal. Hij mag weigeren dat zijn kritiek op psychiatrie als symptoom wordt geboekt.
Vrijheid zonder weigering is decorvrijheid.
Vrijheidsbijdrage tegenover vrijheidsdrager
De tegenstelling is scherp.
| Vrijheidsbijdrage | Vrijheidsdrager |
|---|---|
| Vrijheid kost geld, dus de burger moet betalen. | Vrijheid kost machtsbeperking, dus de staat moet zich inhouden. |
| Ziet de burger als financier van veiligheid. | Ziet de staat als mogelijke bedreiger van vrijheid. |
| Maakt vrijheid collectief, abstract en budgettair. | Maakt vrijheid lichamelijk, concreet en juridisch. |
| Vraagt hoeveel de burger kan bijdragen. | Vraagt hoeveel de staat mag ingrijpen. |
| Spreekt in miljarden. | Spreekt in deuren, dossiers, zittingen, injecties en machtigingen. |
De sociale vraag
Een bijdrage klinkt vrijwillig en gelijkwaardig. Maar belastingdruk en bureaucratische druk werken ongelijk uit. Wie weinig ruimte heeft, voelt elke euro. Wie afhankelijk is van uitkering, Wmo, WIA, huurtoeslag, ggz of gemeentelijke regelingen, leeft al onder administratieve druk.
Voor zulke burgers is vrijheid niet alleen geopolitiek. Vrijheid is ook geen angst voor formulieren. Geen herkeuring zonder menselijkheid. Geen zorgmijdingstempel. Geen politie aan de deur omdat een instelling ongerust is. Geen dossier dat oud gedrag eindeloos tegen iemand blijft gebruiken. Geen medische verklaring die de eigen stem vervangt.
Een vrijheidsbijdrage die geen oog heeft voor de fragiele vrijheid van bureaucratisch afhankelijke burgers, is moreel halfblind.
In de Wvggz-zitting
De patiënt moet zichzelf in de zitting niet alleen als betrokkene laten benoemen. Hij kan zichzelf positioneren als vrijheidsdrager.
Ik verzoek de rechtbank mij niet slechts als betrokkene of patiënt te behandelen, maar als vrijheidsdrager. Mijn vrijheid, woning, lichamelijke integriteit en persoonlijke levenssfeer zijn het uitgangspunt. Het verzoek moet concreet aantonen waarom beperking daarvan op dit moment noodzakelijk, proportioneel en subsidiair is.
De medische verklaring kan mijn vrijheid niet vervangen. Zij moet mijn vrijheid rechtvaardigen als zij die wil beperken.
Mijn weigering van bepaalde zorg is niet het ontbreken van vrijheid, maar juist de uitoefening ervan. Wie mijn nee als symptoom leest, moet eerst bewijzen waarom mijn nee juridisch onvoldoende is.
De term vrijheidsdrager dwingt de rechter anders te kijken. Niet: werkt deze patiënt mee? Maar: kan de staat deze beperking van een vrije burger dragen?
De vrijheidsdrager als anti-object
De vrijheidsdrager is het tegendeel van het dossierobject. Het dossierobject wordt beschreven; de vrijheidsdrager beschrijft terug. Het dossierobject wordt beoordeeld; de vrijheidsdrager betwist de beoordelingsgrond. Het dossierobject wordt geobserveerd; de vrijheidsdrager vraagt naar de wettelijke grondslag. Het dossierobject wordt gemedicaliseerd; de vrijheidsdrager constitutionaliseert.
Dat maakt het begrip procedureel bruikbaar. Het maakt van de patiënt geen smekeling, maar procespartij. Geen aandoening met bezwaar, maar burger met grondrechten.
Lichaam, woning en dossier
In de Wvggz is vrijheid niet abstract. Zij zit in het lichaam. Verplichte medicatie grijpt in op slaap, stemming, gewicht, seksualiteit, concentratie, motoriek, emotie, creativiteit, rusteloosheid en zelfgevoel. Wie medicatie verplicht stelt, treedt het lichaam binnen met juridische macht.
Vrijheid zit ook in de woning. De woning is niet slechts een adres in het dossier. De voordeur is geen psychiatrisch loket. De deurbel is geen wettelijke oproep. De hal is geen onderzoeksruimte. Een weigering van een onaangekondigd gesprek in de woning kan huisrecht in levende vorm zijn.
Vrijheid zit bovendien in het dossier. Een dossier is nooit alleen opslag. Het ordent tijd, bewaart incidenten, herhaalt kwalificaties en maakt sommige zinnen zwaar terwijl andere verdwijnen. De vrijheidsdrager is daarom dossierwederpartij: hij corrigeert feiten, betwist bronnen, actualiseert oude incidenten, voegt context toe en dient zijn eigen verklaring als tegenstuk in.
Macht moet blozen
Vrijheid is te belangrijk om aan de staat over te laten. Dat is de anarchistische kern van dit artikel. Niet omdat elke staat illegitiem is, niet omdat belasting per definitie diefstal is, en niet omdat defensie per definitie verkeerd is. Maar omdat macht altijd de neiging heeft zichzelf te heiligen.
Vandaag heet belasting vrijheidsbijdrage. Morgen heet dwang zorg. Overmorgen heet surveillance weerbaarheid. Daarna heet gehoorzaamheid herstel.
De vrijheidsdrager gelooft niet in heilige macht. Hij gelooft in gecontroleerde macht, begrensde macht, betwiste macht en beschaamde macht. Macht moet blozen wanneer zij vrijheid beperkt. Macht moet niet juichen wanneer zij vrijheid factureert.
Vrijheid wordt niet alleen aan de grens verdedigd. Vrijheid wordt ook verdedigd aan de voordeur, in de spreekkamer, in de rechtbank, in het medisch dossier en in het lichaam.
Tegenwerpingen
Maar veiligheid kost geld. Ja. Maar noodzakelijke belasting moet eerlijk, controleerbaar en democratisch worden verantwoord. Zij hoeft niet te worden verpakt alsof bezwaar tegen lastenverdeling bezwaar tegen vrijheid is.
Maar sommige dwangzorg beschermt juist vrijheid. Misschien in uitzonderlijke situaties. Maar dan moet de inbreuk als inbreuk worden erkend. Vrijheid wordt niet beschermd door het woord dwang te verbergen achter het woord zorg.
Maar betrokkene kan gevaarlijk zijn. Dat is geen argument tegen het begrip vrijheidsdrager. Hoe ernstiger het mogelijke gevaar, hoe preciezer de staat moet bewijzen dat aan alle wettelijke criteria is voldaan.
Maar vrijheid is ook collectief. Zeker. Maar collectieve vrijheid wordt ongeloofwaardig wanneer individuele vrijheid achteloos wordt behandeld.
Slot
De vrijheidsdrager is geen poëtische luxe. Hij is een noodzakelijk tegenwoord voor een tijd waarin macht zichzelf steeds vriendelijker benoemt. De burger is geen belastingobject wanneer hij moet betalen voor vrijheid. De patiënt is geen zorgobject wanneer zijn vrijheid wordt beperkt. Beiden zijn vrijheidsdragers.
Als de staat vrijheid wil gebruiken als groot woord, moet hij klein beginnen: bij de voordeur, bij het lichaam, bij het dossier, bij de zitting, bij het recht om nee te zeggen.
Niet de burger moet bewijzen dat hij vrijheid waard is. De staat moet bewijzen dat beperking noodzakelijk is.
Bronnen en verder lezen
- Informatiepunt dwang in de zorg, zorgmachtiging in de Wvggz.
- Informatiepunt dwang in de zorg, procedure voor een zorgmachtiging.
- Artikel 10 Grondwet, persoonlijke levenssfeer.
- Artikel 11 Grondwet, onaantastbaarheid van het lichaam.
- Recht op Geest, De onafhankelijke betrokkene.
- Recht op Geest, Deurbelpsychiatrie in de Wvggz.
- Recht op Geest, Rechtsvernietiging als rechtsbescherming.